|
TEST: NINCO DIGITAL
Het is bijna eind april 2007.
Jammer genoeg. Dit artikel was gepland voor begin november 2006.
Doel was destijds om, royaal voor de feestdagen, een overzicht en vergelijk te
kunnen bieden voor hen die op dat moment overwogen om misschien een digitale
racebaan aan te schaffen.
Ondanks diverse aankondigingen liet Ninco Digital (nog?) langer op zich
wachten dan zich liet aanzien. Daarna waren er ook nog de nodige vertragingen bij
uitlevering richting "Hollanda".
De importeur was bang dat er door teveel publiciteit een grotere vraag zou
ontstaan dan er aanbod was. En wilde dat uiteraard voorkomen. Ziedaar de
redenen dat we pas heel laat over testmateriaal van Ninco Digital konden
beschikken. Ja, soms is het allemaal niet zo makkelijk....

Hoe dan ook, in maart ontvingen wij van importeur PDS alsnog een grote doos.
Naast de Ford Focus dus ook Ninco Digital. En wel de N>Digital "mastertrack"
koffer. Gestoken in een outfit waar je mee binnen kunt komen. Helaas heeft het
inmiddels allemaal zolang geduurd dat we ons toch wel hebben afgevraagd of het
nog wel zin had om hier ook als Team racebaan.com "iets van te
vinden". Tenslotte is er op dit moment zowel op internet, als in de
geschreven pers, al volop leesvoer over Ninco Digitaal te vinden, ook in onze
moedertaal.
Het voelt dan ook een beetje als mosterd na de maaltijd. Om het mes niet in
het varken te laten steken hebben we besloten om toch aandacht hieraan te
besteden. Dan is het verhaal tenminste compleet. En kunnen we ook hierover uit
eigen "ervaring" meepraten. Als derde man werd Rob dit keer
uitgenodigd. Een zeer ervaren 1/24 racer met ook enige ervaring in 1/32.
 
Inhoud N>Digital "Mastertrack";
Tijd om aan de slag te gaan. In dit (uiteraard rode) koffer vind je de
volgende inhoud:
Een aansluitstuk annex racecomputer, 3 regelaars, 3 digitale chips (om je
analoge slotcar om te bouwen voor gebruik op Ninco digitaal) 1 voeding, 4 baanwissels
(eenzijdig), 2 standaardbochten, 3 halve standaardbochten, 31 binnenbochten en
3 halve binnenbochten, 10 hele rechten, 8 halve rechten (waarvan 1 startstuk)
en 6 kwart rechten. Verder 19 brugsteunen (in 4 verschillende hoogten), 36
vangrails in de kleuren wit en rood, en wat reclamebordjes.
Let op, in dit pakket zitten dus geen auto's! En ook geen slipstroken. Wel een handleiding in
de vorm van een boekje in A4 formaat. Deze is echter niet geheel foutloos
vertaald en, hoe uitgebreid ook, op sommige punten wat "kort door de
bocht"... Maar goed.
Dit alles overzichtelijk verpakt in een stevig kunststof koffer, waarin alles
indien gewenst na gebruik weer makkelijk in opgeborgen kan worden. Op beide
zijden een stuk karton met de nodige informatie, waaronder een tekening van de
baan zoals ontworpen door Ninco.
Een echt duidelijke tekening voor het opbouwen van de baan ontbreekt. Omdat er
veelvuldig gewerkt wordt met viaducten een beetje lastig om uit te zoeken
welke baanstukken je moet gebruiken. Maar het is ons gelukt. En ondanks
de forse totaallengte van de baan in een redelijk korte tijd. De
oppervlaktemaat zoals opgegeven (standaardmaat van een MDF plaat, 122 bij
244) blijkt in de praktijk ook te kloppen. Maar dan is er geen ruimte meer
voor slipstroken op de "begane grond". Voor de hoger gelegen bochten
wordt dit toch al een probleem natuurlijk.
En ook het aansluitstuk hangt "overboord" als je het op de
voorgeschreven plaatst monteert. Een plaatsing als halve rechte in een bocht
aan de korte kant kan dit probleem echter nog oplossen.

|
Digi-chips
inbouwen
Ninco heeft altijd geroepen dat je bijna iedere analoge slotcar kunt ombouwen
voor Ninco digitaal. We hadden blijkbaar
wat pech bij onze keuze. Zoals beloofd zouden we de Ford Focus WRC gebruiken
voor deze test. Een Peugeot 307 WRC zou hem gezelschap houden. Als maatje
hadden we gedacht aan een auto van een ander merk. We hadden de Skoda van
Scalextric in gedachten. Omdat die echter werken met een ander schoentje en
aansluiting van de stroom ging dat feest even niet door.
Geen behoefte om een auto half te "slopen".
Dus grepen we de eerste de beste andere rallywagen.
De Audi
A2 Quattro van Fly. |
 |
|

|
De gelukkigen...
Dat ging al wat beter. Tot we de chip wilden vastplakken.
Even vergeten maar daar ligt voorin dus een aandrijfstang. Uiteindelijk
opgelost door de chip boven tegen de motorkap te plakken. Niet ideaal, maar
ja.
De hond vond het gesleutel in ieder geval wel interessant zo te zien...
"Even omsteken" van de draden is niet helemaal juist. De busjes van
de originele stroomdraden moeten verwijderd worden. Daarna steek je de draden
door gaatjes in de chip en zet je deze vast met zwarte pinnetjes. Dan de
andere draden in het schoentje steken. En de chip vastplakken. Voor gebruik op
analoog moet je dit proces weer ongedaan maken.
|
|
Instellen
Het instellen van de auto's gaat, als je het eenmaal door hebt, heel simpel
en snel. Wel eerst even goed lezen om misverstanden te voorkomen. De bediening
van het aansluitstuk is in het begin nogal ingewikkeld. Juist door de vele
mogelijkheden die deze computer te bieden heeft. Nu we het daar toch over
hebben, het aflezen van het display vergt ook enige oefening. Men maakt niet
bepaald gebruik van een al te groot lettertype om de zaken aan te geven. En er
moet echt voldoende licht beschikbaar zijn om het eenvoudige display af te
kunnen lezen.
Met de hedendaagse schermpjes, zoals gebruikt in GSM's en TOM TOM's, had dit toch
wel wat beter gemaakt kunnen worden.
|
|
|

|
Time to race...!!
Aangezien we toch alle drie ervaren racers zijn besluiten we gewoon van
start te gaan en wel te zien waar het schip (de slotcar) strandt...
Zo gezegd zo gedaan. Althans, dat was de bedoeling. De auto's reageren echter zeer
heftig op het gas. Te heftig. Voor acceleratie beslist een tien. Maar het blijkt nagenoeg onmogelijk om op normale
wijze een bocht te naderen, laat staan deze netjes te nemen.
Tijd voor maatregelen. Het omzetten van profi- naar amateur modus levert ietsje
winst op.
De auto's reageren nu iets minder heftig op het gas. Maar nog altijd te heftig
om een rondje te draaien zonder uit de baan te vliegen. Tijd om ook maar te
denken tussendoor eens van baan te wisselen is er niet. In de bochten van de
viaducten rijden de auto's (met lage snelheid) over de brugsteuntjes en worden
herhaaldelijk uit het slot gelicht. Dan toch maar weer even de magneten erin
bouwen...
|
Is meer soms minder?!
Op dat moment gaat het al een stuk beter. Het sprintvermogen neemt een
stuk af en uiteraard is de baanvastheid zo een stuk hoger. Maar dat geldt op
dat moment ook voor het remvermogen. Gas los betekend eigenlijk bijna direct
stilstaan. Hierdoor is het erg lastig om op de korte stukjes voldoende
snelheid op te bouwen. Het grote aantal binnenbochten maakt het noodzakelijk
daar toch fors snelheid te minderen. Hierdoor komen we regelmatig stil te
staan op de "dode" stukken van de baanwissels.
Door de layout zitten deze steeds net voor een bocht, en op relatief korte
stukken. Echt met plezier een aantal rondjes draaien zonder uitvliegers of
zonder stil te komen staan blijkt erg lastig. We komen eigenlijk alle drie
maar tot één conclusie. De layout van de baan, in verhouding tot de snelheid
van de auto's, is veel te technisch en ongeschikt hiervoor.
|
|
|

|
Verbouwing
Omdat er met een zo grote hoeveelheid baanstukken natuurlijk ook andere
layouts gemaakt kunnen worden hebben we daar even de tijd voor genomen. En
bovenstaande baan uitgelegd. Vrij simpel maar in ieder geval geschikt om iets
meer "rust" te creëren.
En dat hielp. De plaatsing van de baanwissels moet je zorgvuldig kiezen.
Liefst niet te kort voor een bocht en niet direct erna.
De snelheid van de auto's bleef onveranderd hoog uiteraard. De Audi van Fly
bleek met zijn wat tragere motor en meer magneetkracht de beste resultaten op
de baan te brengen.
We kunnen ons dan ook goed voorstellen dat het racen met modellen voorzien van
NC1 motor (of vergelijkbare) en een niet al te zware magneet het prima zouden
doen op een baan als deze. De baanwissels deden hun werk in deze layout
trouwens uitstekend!
|
Gevoel
Waarschijnlijk is het hebben van veel ervaring op analoog bij digitale
banen een groot nadeel. Je gaat onbewust toch vergelijken. Het is zaak
langzaam het gevoel op te bouwen voor het rijden op een digitale baan als
deze. En dat geldt ook voor de andere merken. Toch is dit systeem verreweg het
snelste van de vier, ook in de amateur modus. De mogelijkheden van de
ingebouwde racecomputer hebben we niet allemaal doorlopen. We komen daar zo
wel nog even op terug. Tweezijdige baanwissels en meersporige baanstukken zijn
op komst. |
 |
CONCLUSIE
Het digitale systeem van Ninco is snel. Voor vele beginners misschien wel
té snel. Het gebruiken van standaard langzamere auto's is op dat moment dan ook
zeker aan te bevelen.
Toch heeft het systeem juist hierdoor veel potentie. We kunnen ons zelfs
voorstellen dat dit uiteindelijk misschien wel het meest geschikte systeem is
voor mensen die regelmatig met meerdere personen rijden, alsmede voor
clubgebruik. De breedte van de baan, de goede stroomdoorvoer, de degelijkheid
van het materiaal en de 7 verschillende gebruiksmogelijkheden van de
racecomputer hebben heel veel te bieden. Via de webtips hieronder kun je daar
nog meer over te weten komen.
Met een extra voeding kun je met dit aansluitstuk met 8 auto's tegelijk je
rondjes draaien.
Daarnaast zijn er optioneel al de nodige accessoires te krijgen. En er zullen er
ongetwijfeld nog meer volgen.
De regelaars zijn redelijk geschikt, zeker met wat minder agressief
reagerende auto's. En zijn voorzien van een trilfunctie voor o.a. aangeven van
de snelste en laatste ronde. En ook voor digitaal zullen waarschijnlijk nog dit jaar losse
regelaars op de markt komen van andere merken.
Tot slot willen we nog even terugkomen op de
stelling "meer is minder". In dit toch niet goedkope koffer zitten
heel veel baanstukken. Leuk voor iemand die nieuw instapt. Maar het zijn er
zoveel op een klein oppervlak dat het in de praktijk gewoon téveel is. En met
heel veel binnenbochten. Een wat ruimere opstelling en niet al te technische
layout, zijn voor deze snelheden en meerdere baanwissels toch wel een eerste
vereiste.
Auto's moeten nog los worden aangeschaft, evenals wat ruimere bochten als je de
layout wilt veranderen.
Natuurlijk krijg je voor de prijs van deze startset ook wel heel veel waar voor
je geld, maar wat ons betreft is starten met een conversie set en van daar uit
verder uitbreiden een betere optie.
Tenzij je natuurlijk over lekker veel plaatst beschikt en/of toch al een
meersporige baan wilt maken.
Dan komen die baanstukken natuurlijk altijd van pas....
SOFTWAREFOUT:
Overigens blijkt er bij een klein
aantal van de eerste serie aansluitstukken iets fout te zijn gegaan bij het
plaatsten van de software. De amateur en prof modus zijn daar per abuis
omgewisseld. Mocht je er daar toevallig één van hebben aangeschaft kun je je
bij je verkoper melden met dit probleem.
Deze kan dan voor je met de importeur contact opnemen.
Webtips;
Veel "praktijk" op www.racebaaninfo.nl
Fabrikant van dit systeem: NINCO
Vraag
en antwoordlijst Ninco digital (engels)

Home
| Racebaanpraatje | Testbank
| Verzamelen | Sitemap
| Mail
28 april 2007 - Copyright
racebaan.com
|